 |
|
|
Aaltense Musea - Aalten
 |
| |
Wij zijn geen oplaadpunt!
Musea |
|
|
|
| Naam | Aaltense Musea |
| Adres | Markt 14 | | Plaats | 7121 CS Aalten |
 | Bekijk op kaart. |
| Tel | 0543-471797 |
| Website | www.aaltensemusea.nl |
| | | Openingstijden | Maandag | gesloten |
| Dinsdag | 10.00 | - | 17.00 |
| Woensdag | 10.00 | - | 17.00 |
| Donderdag | 10.00 | - | 17.00 |
| Vrijdag | 10.00 | - | 17.00 |
| Zaterdag | 14.00 | - | 17.00 |
| Zondag | 14.00 | - | 17.00 |
|
| |
| Gelegen aan de volgende wegen c.q. routes: |
Per bus (Connexxion lijn 31):
Vanaf NS-station Hoogeveen
Uitstappen tegenover Bakkerij Drost
800 meter westwaarts langs Burg. Tonckensstraat
Per auto
Via N48 of A28 richting Zuidwolde/Ommen
Volg in Zuidwolde de borden Museum de Wenne en/of Tingieterij
Per fiets
Via Echtener of Reestdalroute
|
| |
| Bedrijfsomschrijving: |
De musea zijn vrijwel geheel rolstoel toegankelijk. Liften en invalidentoilet zijn aanwezig. Een rolstoel is beschikbaar. Ook een invalidenparkeerplaats. Koffie en thee verkrijgbaar. Museumwinkel.
Vrij parkeren op De Hoven. 3 minuten lopen van musea, winkelcentrum en horeca. Wisselexposities.
DE AALTENSE MUSEA AAN DE MARKT.
In gedachten nemen wij u mee naar de Markt te Aalten. Daar aangekomen ziet u een prachtig kerkgebouw en mooie panden rondom een ruim plein maar u zult zich afvragen: "Waar moet ik voor het museum zijn, nog wel in meervoud ?". Wel, wij zijn het hier heel gemoedelijk gewend, kom maar achterom. Naast het pand Markt 14 kan dat via het 'Frerikspad'.
Op de binnenplaats aangekomen gelooft u uw ogen niet. Met grote charme zijn vier gebouwen met elkaar verbonden door een grote, glazen ontvangsthal. De aanduiding: 'MUSEUM' kan u nu niet meer ontgaan en wij haasten ons naar binnen. Daar aangekomen moet u het "haasten" afleggen en op uw gemak rondkijken. Laat de fraaie compositie van oud en nieuw over u heen komen.
Na enige tijd wordt u welkom geheten door een medewerker die u de weg zal wijzen, mede aan de hand van een op de balie geplaatste 'Handwijzer'. De weg naar de garderobe, de toiletten en de twee liften voor de bovenverdiepingen is snel gevonden. Nu vangt de ontdekkingsreis aan.
Wij volgen de handwijzer in de richting van Markt 14, het 'Frerikshuus'. Dit pand is genoemd naar dokter Freriks die rond 1850 dit pand bewoonde.
HET FRERIKSHUUS.
In het voorportaal worden wij welkom geheten door 'Jan met de panne'. Arend Jan te Slaa mag wel de meest bekende omroeper van Aalten worden genoemd. Met een houten klepel sloeg hij op een koperen bekken om daarna bekend te maken dat er twaalf bokkingen te koop waren voor elf cent bij Goedhart in de Peperstraat en dat bij Te Hennepe op de Kattenberg er twaalf te koop waren voor een dubbeltje. Grote concurentie. Klepel en bekken hangen recht tegenover de ingang van Markt 14.
Maar deze omroeper was ook bekend als nachtwaker. Zijn klepper en ratel liggen in de vitrine. Arend Jan te Slaa was tevens doodgraver, hulpbesteller, afslager bij veilingen, palfrenier en orgeltrapper. Kortom, Arend Jan te Slaa, centrale figuur in vroeger tijd, is in deze tijd symbolisch onze wegwijzer geworden. Als logo geeft hij aan wat er in de verscheidene vertrekken in het 'Frerikshuus' te bewonderen valt.
DE EXPOSITIE OVER DE GESCHIEDENIS VAN AALTEN.
Langs een informatiebord over Aalten komen wij in de expositiezaal waarin op overzichtelijke wijze fragmenten uit de geschiedenis van Aalten worden weergegeven. Bijzondere stukken geven aan, dat de oude Sint Helenakerk in Aalten letterlijk en figuurlijk centaal staat. Via de buurtschappen komen wij in de veste Bredevoort. Een tentoonstelling van zeldzame stukken laat ons zien hoe belangrijk de positie van Bredevoort in deze streken ooit was. Zelfs de sleutel van de poort is nog aanwezig.
Langs de tegenover liggende wand is plaats ingeruimd voor onder meer verenigingen en personen. Fraai zijn de gekalligrafeerde ledenlijsten van de 'Sociëteit'. Er moest schriftelijk worden gestemd of een bepaald persoon wel of niet als lid kon worden toegelaten. Daarvoor gebruikte het bestuur een kistje met gleuven met daarbij de woorden 'voor' en 'tegen'.
Wij verlaten deze ruimte door de deur naar de gang niet, zonder eerst even te genieten van het prachtige doorkijkje door de openstaande deur naar de voorkamer. De deurposten staan scheef. Als de zon in de voorkamer schijnt en de tegels in de gang glimmen zou de schilder Vermeer er zo kunnen neerstrijken om het op het doek vast te leggen.
DE VOORKAMER.
In de voorkamer hebben wij een mooi uitzicht op de Markt van nu. In de kamer zien wij meubelen uit het midden van de jaren 1700. Links om de hoek is de trap naar boven. Wij kunnen ook kiezen voor de lift even verderop. Wij stommelen via de trap naar boven en zien na enkele treden een klein opbergkastje aan de rechterkant. Het is ingericht met 'slaap-attributen', een beddepan, bedlinnen, een nachtspiegel en een Gelderse beddejuffer. Dit is een houten koker waarin een verhitte ijzeren staaf geplaatst werd om zo het bed te verwarmen. Boven op de overloop aangekomen wijst 'Jan met de panne' ons de weg naar het vertrek waar wij met een bijzondere vorm van nijverheid kunnen kennismaken, het verwerken van hoorn.
DE HOORNINDUSTRIE.
Dit vertrek herbergt een exclusieve expositie over hoornverwerkende bedrijven. Deze tak van nijverheid ontstond uit het ambachtelijk verwerken van horens van dieren. Als huisvlijt begonnen in 1855, groeide dit ambacht uit tot een volwaardige industrie. Men legde zich aanvankelijk toe op het draaien van onderdelen van de bekende Duitse pijpen maar gaandeweg door de tijd vervaardigde men ook wandelstokken, kammen, snuifdoosjes, seinfluitjes voor de spoorwegen en naaldenkokertjes om maar enkele voorwerpen uit het rijke assortiment te noemen. Werknemers die zich bekwaamde in het vervaardigen van sierlijke voorwerpen werden 'kunstdraaiers' genoemd. De hoornnijverheid mondde uit in de knopenindustrie.
Na de Tweede Wereldoorlog verdwenen de fabrieken door grote, buitenlandse concurentie en de komst van kunststof. Na honderdtwintig jaren kwam een einde aan een bijzondere industrie in Aalten. De tentoonstelling over dit zeldzame onderwerp mogen wij echt niet missen.
DE BLINDE DARM.
Wij zijn weer terug op de overloop en zien een fraaie 'tuugkiste' onder het raam staan. Na enig zoeken ontdekken wij, uitgesneden, in welk jaar deze kist door de timmerman werd gemaakt. Op deze overloop, vroeger wel de 'blinde darm' van het museum genoemd, is plaats ingeruimd voor het muntgeld dat hier vroeger circuleerde. Dit was hoofdzakelijk Duits geld. Het Nederlandse geld was schaars. Betaalde men de winkelier met Nederlands geld dan kreeg men zelfs korting. Ook kunnen wij in deze gang vitrines zien met kleine gebruiksvoorwerpen en een vitrine, ingericht als 'Galerij van Aaltenaren'. De voorwerpen hierin waren ooit eigendom van bekende personen.
D'N ANGANG.
Dank zij 'Jan met de panne' ontgaat ons deze ruimte niet. In dit vertrek wanen wij ons in in het begin van de jaren 1900. Kerkgangers uit de buurtschappen kwamen lopend naar het dorp via de zo geheten 'kerkepaden'. De rijkeren kwamen per rijtuig. In de nabijheid van de kerk had ieder een vast adres om het eigen kerkboek uit een speciaal kastje te pakken en 's winters de reeds voorverwarmde stoof op te halen. Na de kerkdienst werd alles weer teruggeplaats en dronk men gezamelijk koffie.
Wie goed kan luisteren hoort nu nog wat er alzo werd besproken. Wie goed kan zien merkt terecht op dat zojuist een zuigeling in de kerk ten doop is gehouden. Oma houdt de kleine voorzichtig vast, de moeder ziet er nauwlettend op toe dat er niets mis gaat. Zij draagt voor deze gelegenheid haar trouwjurk. Deze in van dezelfde stof gemaakt als het vest van de jonge vader. Samen met de grootvader bekijken zij het tafereel op enige afstand. Wat gaat er in hen om?
Wij verlaten deze kamer en komen linksom op de voormalige zolder.
ARCHEOLOGIE.
'Jan met de panne' leidt ons hier rond op de archeologische afdeling. Wij maken kennis met de vroegste aanwezigheid van dier en mens in deze streek. De landbouwers vestigden zich ooit zeer verspreid op vruchtbare plaatsen. De urnengrafvelden dateren uit de ijzertijd, 800-12 voor Chr. Interessant en zeldzaam is het gordelgarnituur. Wat heeft deze persoon een mooie riem om gehad. Nu valt ons ineens een trap op die ons naar de zolder leidt.
DE AMBACHTENZOLDER.
Eenmaal boven zien wij dat deze bovenste zolder is ingericht als ambachtenzolder. De schoenmaker blijft nog steeds bij zijn leest en ook de koperslager, fotograaf en hoefsmid hebben hier staaltjes van hun kunnen achtergelaten. Het grote, ijzeren torenuurwerk van de Sint Joriskerk in Bredevoort is in 1666 door een smid met de hand gemaakt. Zelfs een inscriptie ontbreekt niet. Via de trap en de lift of nog een trap verlaten wij het 'Frerikshuus' met nog even een knipoog als dankjewel naar 'Jan met de panne' als wij daar langs lopen voor wij weer terug zijn in de ontvangsthal.
Voor wij verder gaan op onze ontdekkingstocht strijken wij even neer in de buurt van het koffiezet-apparaat om uit te puffen en om alles wat wij hebben gezien een plaatsje te geven. Wij zitten dan ook dicht bij de deur om het tweede museum te gaan bezoeken.
HET AGRARISCH MUSEUM.
Ook de 'Freriksschure' dankt zijn naam aan dokter Freriks, die als bewoner van het 'Frerikshuus' deze ruimte als zijn koetshuis gebruikte.
Wij waren er erg gelukkig mee dat deze schuur na een grondige restauratie in 1985 als agrarisch museum kon worden ingericht. Hier wordt de aandacht gevestigd op landbewerking en oogstverwerking zoals die in de eerste helft van de twintigste eeuw in Oost-Nederland plaatsvonden. Wij zien thans zeer zeldzame rijtuigen, waaronder de Gelderse kapkar en een tweewielige huifkar.
Ook aan de landbouw gelieerde beroepen en ambachten zoals klompenmaker, zadelmaker, radmaker, huisslachter en huiswever krijgen hier aandacht. Tevens is er een boerenkeuken ondergebracht met linnenkast, een betegelde schouw met haardattributen en bedsteden.
Tijdens de officiële opening door de wethouder waren de gordijntjes nog gesloten. Eerst moest een stok onder het gordijntje worden doorgestoken en goed op het bed worden geslagen om de muizen te verjagen. Zo ging dat vroeger ook wel. Een der andere aanwezigen ranselde er goed op los. Toen de wethouder de gordijntjes opzij schoof lag daar een bestuurslid van de vereniging met een oude slaapmuts op en in hansop ondergedekt. Zo krijgt ieder wat hem toekomt. Na nog wat te hebben rondgekeken verlaten wij de schuur om weer de centrale hal te betreden. Wij zijn klaar om het volgende museum te betreden.
|
| |
| Activiteiten, bijzonderheden, evenementen en promotie's: |
|
| |
| Extra foto's: |
|
| |
| terug naar het overzicht |
|